Bevallingsverhaal van Mandy, Jordy en Yara
18 mei 2026Na een goede NIPT-uitslag op vrijdag 7 maart, konden wij met een gerust hart iets meer gaan genieten van de zwangerschap en alle voorbereidingen. Op woensdag 23 april stond onze 20-weken echo gepland bij Echopunt. Toch wel weer een spannend moment. Alles leek er goed uit te zien tot Nathalie een PRUV ontdekte.
“Normaal verdwijnt vroeg in de zwangerschap de rechter navelstrengader en blijft de linker over. Bij een PRUV gebeurt juist het omgekeerde: de rechter ader blijft bestaan. Het bloed van de placenta stroomt daardoor via een iets andere route naar de baby. In de meeste gevallen werkt dat gewoon goed en heeft de baby er geen last van. Er worden vaak wel een aantal extra controles ingepland. Een PRUV kan er namelijk voor zorgen dat er een groeivertraging, een groeiachterstand of bijvoorbeeld hart- en/of orgaanafwijkingen kunnen ontstaan.”
Voor alle zekerheid werden we doorgestuurd naar het UZ Gent waar we op maandag 6 mei terecht konden. Gelukkig zag alles er goed uit. De PRUV was inderdaad duidelijk te zien, maar ons kleine meisje leek hier geen gevolgen van te hebben. Ze stak zelfs nog even haar duim op tijdens de echo. Je leek ons toen al iets te hebben willen vertellen: “Geen zorgen maken papa en mama, ik heb het wel goed hier.” Een zucht van opluchting. De zwangerschap verliep voorspoedig, een aantal typische zwangerschapsklachten, maar zeker geen klagen. Een buikje dat zich steeds meer liet zien en de vele trapjes in mijn buik die steeds beter voelbaar werden.
Op maandag 7 juli had ik een extra controle bij Nathalie vanwege een lager liggende placenta. Ik was precies 30 weken en 1 dag zwanger. De echo was helemaal in orde. Daarna hadden we een controle bij Jasmijn. We luisterden nog eens naar het hartje en mijn bloeddruk werd gemeten. Deze was aan de hoge kant. Vanaf dat moment werden we doorgestuurd naar de verloskundigen en gynaecologen van ZorgSaam in Terneuzen, we werden medisch. We hadden nog best een aantal weken te gaan voordat ons meisje gezond ter wereld mocht komen. Vele controles en CTG’s volgden. Elke maandag en donderdag waren wij weer aanwezig op de gezinsafdeling in het ziekenhuis. Ik deed alles om de weken zo goed en gezond mogelijk door te komen, alles voor ons kleine meisje. Tot op heden leek ze gelukkig nog nergens last van te hebben. Ondanks de goede CTG’s bleef mijn bloeddruk stijgen, zo ook mijn urinewaarden. De diagnose “zwangerschapsvergiftiging” bleef gelukkig (nog) uit. De medicatie voor de bloeddruk werd opgestart en kon elke controle opgehoogd worden als dit nodig mocht zijn. Ik werd naar huis gestuurd en kreeg het advies om zoveel mogelijk rust te houden.
Op donderdag 28 augustus ging ik nietsvermoedend een keer alleen op controle in het ziekenhuis. “Ga maar gewoon werken hoor, ik zal ook deze keer wel naar huis gestuurd worden” is wat ik nog zei. In het ziekenhuis aangekomen haalde ik al snel hoge bloeddrukwaarden, een slechte urine uitslag volgde. “Je zult helaas moeten blijven. Zorg dat je man voor voldoende spullen zorgt voor in het ziekenhuis. We gaan kamer 9 voor je in orde maken”. Dit was helemaal niet wat ik wilde, ik wilde gewoon naar huis. De grond zakte onder m’n voeten vandaan. Er werd voor lunch gezorgd, maar echt eten kon ik niet. Ik kreeg een waakinfuus. Om de zoveel tijd werd er bloed getrokken om alles goed in de gaten te houden. Ook moest ik 24 uur mijn urine opvangen. Mijn bloeddruk werd vaak gemeten en ook de CTG’s werden regelmatig gemaakt. Op dat moment was ik 37 weken en 4 dagen zwanger, een ontzettend grote mijlpaal voor ons. Mocht ons kleine meisje zich nu melden, kon ze in ieder geval gezond ter wereld komen. Maar wat stond ons verder nog te wachten… Met een hoge bloeddruk, een flinke dosis medicatie en een hoop onzekerheid en spanning ging ik de nacht in, alleen, met ons kleine meisje nog in mijn buik.
De volgende dag, op vrijdag 29 augustus, werd ik wakker na een vreemde nacht. Ik was veel wakker geweest, er spookte van alles door mijn hoofd. Ik kreeg rond 6 uur een kopje thee. Om 7 uur stapten de gynaecoloog, de verloskundige en 2 verpleegkundigen de kamer binnen. De gynaecoloog en de verloskundige bespraken met mij het definitieve plan. Er was een sterke verdenking van een zwangerschapsvergiftiging. De enige behandeling was daarom bevallen. Gezien de termijn was het advies de bevalling die dag nog in te leiden. De informatie leek niet goed bij mij binnen te komen, alsof ik in een hele andere wereld zat. Het was veel en ontzettend spannend. Ik verhuisde van kamer 9 naar kamer 15, de kraamsuite. Ik belde Jordy op en zei dat hij nog wel rustig aan kon doen. “Ga nog maar even douchen hoor, ik ga ook eerst nog even ontbijten.” Ons meisje had het nog steeds naar haar zin in mijn buik, maar mama werd steeds zieker…
Na een aantal bloeddrukmetingen, infusen, medicatie en een onderzoek van de gynaecoloog, bleek dat ik toch al wat voorweeën had gehad en de ontsluiting voldoende was om geen ballonnetje meer te plaatsen. Het magnesiuminfuus werd opgestart, constante monitoring was hiervoor nodig. Ook kreeg ik een katheter. Ik belde terug naar Jordy. “Je moet nu toch wat gaan opschieten want het gaat ontzettend snel”. Om 08:45 uur kwam Jordy aan in het ziekenhuis, gespannen en ook vol vragen kwam hij naast me zitten. Het magnesiuminfuus werd opgehoogd, de anesthesist werd gebeld. Intussen kwam de uitslag van het 24 uurs urineonderzoek. “Het is bevestigd, je hebt een zwangerschapsvergiftiging.” De vermoedens bleken dus al te kloppen. De anesthesist kwam binnen, plaatste op advies de ruggenprik om mijn bloeddruk verder te laten dalen en zo min mogelijk stress te ervaren. Daarna werden mijn vliezen gebroken door de gynaecoloog. Ik kreeg kort even weeënopwekkers toegediend via mijn infuus. Mijn lichaam reageerde hier zo heftig op dat deze weer werden stopgezet.
Ik nam het zelf over, maar ons meisje vond het vanaf dat moment niet meer zo leuk in mijn buik. Vanaf dat moment probeerde ik zoveel mogelijk in mezelf te keren. Ik zat op de helft van de ontsluiting en er werd een schedelelektrode geplaatst. Op de CTG waren er diepe dalen in de hartslag te zien van ons kleine meisje. Deze leken zich terug te herstellen naar stabiel maar er waren ook momenten dat de dalen te diep werden. Ik draaide van mijn linkerzij naar mijn rechterzij en weer terug, maar niks leek te helpen. Ons meisje had het echt zwaar. Binnen een halfuur zat ik bijna op volledige ontsluiting, ik kon het zelf niet geloven en sloeg een beetje in paniek. Na een controle van de gynaecoloog gingen er toch al wat alarmbellen rinkelen. Hier heb ik zelf helemaal niks van meegekregen. Het OK-team werd gebeld om zich klaar te maken. De gynaecoloog had een vermoeden van een navelstrengprolaps en liet mij draaien op handen en knieën, in de hoop dat ons meisje nog wat zou draaien. Kort daarna mocht ik terug omdraaien en controleerde de gynaecoloog nog een keer.
Het ging niet goed met ons meisje, “CODE ROOD” klonk het in de kamer. “We moeten NU naar de OK!” Niet wetende wat er allemaal om me heen gebeurde draaide ik terug om. Ik dook in mijn kussen en het enige wat ik kon was huilen. “Ik wil dit niet, ik kan dit niet, waarom nu toch”, waren de laatste woorden die ik kon uitbrengen. De gynaecoloog vertrok om 13:16 uur naar de OK, de verloskundige sprong op mijn bed en hield ons meisje met alle macht tegen. De verpleegkundigen koppelden mij los van de CTG, zorgde voor mijn infusen en legde een laken over me heen. Met alle vaart gingen we met z’n allen de gang op. Jordy werd meegenomen naar de OK om zich zo snel mogelijk om te gaan kleden. Aangekomen op de OK ben ik zelf nog van bed gewisseld, mijn ruggenprik werd opgehoogd. Ik heb de gynaecoloog nog zien staan en vanaf dat moment ben ik het kwijt. Om 13:27 uur stapte Jordy de OK binnen. Net op tijd want ons meisje werd op dat moment gezond en met alles erop en eraan geboren na een zwangerschapsduur van 37 weken en 5 dagen. Hij mocht meteen mee met het OK personeel en de kinderartsen. Er werden nog een aantal controles uitgevoerd, alles was in orde met haar. “Hoe gaat jullie meisje heten?” klonk het. “Yara, Yara Geijsels”. Terwijl Jordy alles om me heen zag piepen en rood knipperen, kreeg hij Yara voor het eerst in zijn handen. “Komt het wel goed?” vroeg Jordy nog. “We doen ons uiterste best meneer, u heeft een gezonde dochter en uw vrouw trekken we hier doorheen.” Hij kwam samen met Yara aan mijn hoofdeinde zitten. Het is dat ik hier foto’s van heb want ik herinner me van dit moment helemaal niks meer. Ik deed kort even mijn ogen open en viel daarna meteen weer weg. Wat ik me dan terug herinner is dat ik een ijsje heb gegeten op de recovery. Voor mijn gevoel was ik hier alleen met een aantal personeelsleden van de OK. Maar Jordy en Yara zaten naast me en ook de verloskundige en verpleegkundige waren bij ons.
Wanneer iedereen een beetje bekomen was van alle spanning en hectiek en ik iets alerter, mochten we terug naar de gezinsafdeling, naar kamer 15.
Yara werd bij me gelegd. Ik kreeg nog wat medicatie toegediend en we konden op dat moment even samen bijkomen. Na een tijdje werd Yara gemeten en gewogen en kreeg ze haar eerste pakje aan. Papa hielp en keek mee, en ik vanaf de zijlijn. Kort daarna lichtten we de eerste familieleden en vrienden in met het blijde nieuws. Hier weet ik helaas ook niks meer van. Terwijl Jordy daarna nog even terug naar huis reed om een aantal spullen, Yara lekker lag te slapen en ik een boterham gegeten had, besloot ik nog even naar andere familie te bellen. Het was een blij en opgelucht gesprek. De gynaecoloog en de verloskundige kwamen de kamer binnen gelopen rond 22:00 uur waardoor ik het gesprek afsloot. “Ik denk dat ze nog even mijn bloeddruk komen controleren, ik bel jullie snel”. Op dat moment kwam Jordy ook terug de kamer binnen. “We gaan je meenemen naar de IC mevrouw, je bloeddruk is zo hoog dat constante monitoring nu het beste is.” Dit was geen scenario wat nog in ons hoofd was opgekomen. De totale paniek had bij mij nu de overhand. “Ik wil dit helemaal niet, ik wil ze hier niet alleen laten.” Terwijl de verpleegkundige op Yara paste, liep Jordy met mij en de gynaecoloog mee naar de IC.
Ik werd naar kamer 1 gebracht. Er stonden drie IC-medewerkers op me te wachten. Er moest een infuus geplaatst worden in mijn slagader, dit zou het beste zijn om mijn bloeddruk constant te monitoren. Tegen al mijn gevoelens in werd mijn huid op verschillende plaatsen verdoofd, maar prikken lukte niet. Na drie keer proberen had ik er genoeg van, ik kon alleen maar huilen. Jordy en de gynaecoloog stonden tegenover me, aan de achterkant van mijn bed. Op hun advies zijn ze ermee gestopt en hebben ze een gewone bloeddrukband aangesloten. Om de dag compleet te maken kreeg ik nog een dubbele dosis magnesiuminfuus toegediend. Dit was voor mij echt te veel. Ik kreeg last van hele vervelende bijwerkingen, alsof heel mijn lichaam in brand stond. De gynaecoloog kwam nog even bij me, zag mijn angst en probeerde me te kalmeren. Ik wilde heel graag Jordy en Yara bij me. Omdat het beter was voor mijn rust en herstel was het advies van de gynaecoloog dat Jordy en Yara samen verbleven op kamer 15. Zij mochten altijd naar me toe komen, ook ‘s nachts. Na een goed en duidelijk gesprek is de gynaecoloog haar nacht ingegaan, als er iets zou zijn konden we haar altijd bellen. Jordy bleef nog even bij me, hij vond het lastig om de nacht in te gaan. We zeiden niet veel tegen elkaar, waren moe en in een soort shock van de afgelopen uren. Vol trots keken we samen nog naar de eerste foto’s van Yara. Ik kreeg slaapmedicatie, nam rond 23:30 uur afscheid van Jordy. We gingen proberen wat te slapen en hoopten snel weer terug samen te zijn. Rond 02:00 uur werd ik wakker van mijn infuus dat aan het piepen was. Kort daarna kwam Jordy de kamer binnengelopen. “Ik kom even kijken hoe het met je gaat, je bloeddruk staat netjes zie ik. Ik ga Yara zo een flesje geven, we komen straks weer naar je toe.” Jordy ging weer weg, we probeerden allebei nog even onze rust te nemen.
Rond 07:30 uur kwam Jordy samen met Yara en de verpleegkundige de kamer binnengelopen. Ik mocht Yara voor het eerst een flesje geven. We ontbeten samen op de kamer, er werden een aantal infusen losgekoppeld en ik werd op bed gewassen. Er werd nog een keer bloed getrokken. We moesten nog een tijdje wachten op een IC-medewerker om mijn ontslag te bespreken. Na een stabiele bloeduitslag en een goede bloeddruk, werd ik ontslagen van de IC en mocht ik terug naar kamer 15 met mijn magnesiuminfuus. Rond 12:30 uur was ik terug, terug bij Jordy, terug bij Yara. Ik voelde me vreemd, maar ook ontzettend opgelucht dat we weer samen waren. Maar vooral ook opgelucht dat ze me er doorheen getrokken hadden. We werden echt in de watten gelegd, kregen een heerlijke lunch met vers fruit en niks was te veel gevraagd. Daarna werd mijn magnesiuminfuus losgekoppeld. Vanaf dat moment voelde ik me helderder, begon ik dingen terug te beseffen en kan ik genieten van hele kleine dingen. We verbleven dat weekend en maandag nog in kamer 15. Verschillende controles en medicatie bleven maar alles voor een goede gezondheid. Na een controle van de kinderarts, bloeddrukmetingen, de laatste uitslagen vanuit het lab, een gesprek met de psycholoog en instructie over de medicatie en trombosespuiten, mochten we maandagmiddag 1 september, om 14:30 uur naar huis!
Inmiddels zijn we bijna negen maanden verder en is Yara al bijna even lang uit mijn buik als dat ze in mijn buik heeft gezeten. Wij proberen volop te genieten van en met onze dochter Yara. Het herstel na een keizersnede heb ik als redelijk positief ervaren, je moet het de tijd geven. Mijn wond geneest netjes, al blijft het gevoel vanaf m’n navel erg dof, soms wat gevoelig/pijnlijk, maar als dat het maar is na heel deze heftige gebeurtenis…
Langzaamaan probeer ik de draad weer terug op te pakken. Ik ervaar nog meerdere restklachten die ik heb overgehouden aan mijn zwangerschapsvergiftiging. Het is niet makkelijk, de woorden “burn-out” en “postpartum depressie” zijn ook al uitgesproken. Het vertrouwen in mijn eigen lichaam is weg en vele twijfels blijven. Ik ben nog onder behandeling bij een medisch psycholoog en ik ga regelmatig op controle bij de huisarts en de jeugdverpleegkundige van Yara, gewoon om even fijn te praten. Ook heb ik een dag aan onderzoeken gehad in het MUMC+ in Maastricht. Er is hier een poli, Transmuraal Vrouwen Dagcentrum, een gespecialiseerde afdeling voor vrouwen die een zwangerschapsvergiftiging hebben doorgemaakt. Van een hartfilmpje en ECG tot aan (veel buisjes) bloedprikken, een bloeddrukcontrole en een bloedplasmavolumemeting, alles wordt onderzocht. Tussendoor zijn er al gesprekken gevoerd over de voorlopige bloeduitslagen. De volledige uitslagen worden begin juli verwacht en zullen tijdens mijn afspraak worden besproken. De professor van het Transmuraal Vrouwen Dagcentrum gaat nu op zoek naar antwoorden op vragen zoals: “Is er schade aan het zenuwstelsel? Is er schade aan organen, hart en/of vaten? Waar is de zwangerschapsvergiftiging ontstaan en is er een herhaald risico? Zijn er complicaties waar we rekening mee moeten houden in de toekomst?” Ik hoop op meer duidelijkheid, erkenning en een manier om het geheel goed af te kunnen sluiten.
Wij willen alle dames van Echopunt bedanken voor de goede hulp en zorgen, duidelijke adviezen en voor de begeleiding tijdens onze kraamweek. Ook het team dat tijdens deze heftige momenten voor ons klaar stond met in het bijzonder: de betrokken gynaecoloog, verloskundige Severine en obstetrieverpleegkundige Monique om ons zo warm bij te hebben gestaan. Jullie handen zijn echt goud waard!
Zonder jullie hadden wij er niet zo bijgezeten als dat we nu doen, we zijn jullie enorm dankbaar! En als laatste alle OK- en IC-medewerkers van het ziekenhuis ZorgSaam in Terneuzen, bedankt!
P.S. Zwangerschapsvergiftiging (pre-eclampsie) is niet zomaar een hoge bloeddruk. Het is een lichaam dat alarm slaat terwijl het tegelijk nieuw leven draagt. Het is een sluipende aandoening waarbij het hele lichaam onder druk komt te staan. Hoofdpijn die niet weggaat, oorsuizingen, sterretjes en lichtflitsen zien, vocht vasthouden en pijn in de bovenbuik. Van buiten zie je een zwangere buik, van binnen kan een storm razen die gevaarlijk is voor moeder én baby. Houd je klachten goed in de gaten, denk niet meteen van “het zal er wel bij horen”. (Achteraf gezien had ik wel degelijk klachten die horen bij een zwangerschapsvergiftiging, maar dit kwam niet altijd uit alle controles en onderzoeken.) Bij twijfel altijd even laten controleren. Zorg goed voor jezelf, het is zo belangrijk!