Verloskundige zorg in Zeeuws-Vlaanderen - ZorgSaam
Direct (spoed)contact 24/7 bereikbaar: 0115-688228

Bevallingsverhaal van Leona, Dirk & Noud

25 januari 2023

Graag wil ik ons verhaal vertellen om andere mama’s en papa’s een hart onder de riem te steken en altijd te vertrouwen op hun moedergevoel. Nadat ik in juni een EUG (buitenbaarmoederlijke zwangerschap) heb gehad en mijn linker eileider verwijderd werd, zijn we weer zwanger. Bij vijf weken zwangerschap bevestigt de gynaecoloog tijdens de echo dat dit vruchtje wel in de baarmoeder zit. Als op de 20-wekenecho blijkt dat alles goed is, kan het genieten beginnen. De zwangerschap is lichamelijk zwaar in verband met vroege bekkenklachten, waardoor ik met 24 weken mijn werk als wijkverpleegkundige moet neerleggen.

Het is dinsdag zes maart, ik ga op controle bij de verloskundige. Alles is goed. Wel is zijn hartslag wat aan de hoge kant, maar de verloskundige wijdt dit aan het feit dat de baby net aan het bewegen is. Op dit moment ben ik 33+3 weken zwanger. Ook de rest van de dag en nacht is de baby erg rustig. Ik schenk hier niet veel aandacht aan en word afgeleid door onze driejarige dochter. Af en toe probeer ik contact te maken met de baby, maar ik denk dat hij slaapt: ik voel hem bijna niet bewegen. Normaal gezien is hij in de avond altijd actief, dus ik maak mij niet direct zorgen.

Om 21:30 uur heb ik nog niets gevoeld, inmiddels maak ik mij echt zorgen. Mijn man stelt voor om in bad te gaan. Helaas geeft ook de warmte van het bad niet het gewenste resultaat. Terwijl ik in bad lig, belt mijn man mijn moeder als oppas en besluiten we de verloskundige te bellen. Zij vraagt of we gelijk kunnen komen en in welk tijdsbestek we er kunnen zijn. Mijn moeder is er gelukkig vrij snel en we racen naar het ziekenhuis. Ik denk een van de langste en meest slopende autoritten van ons leven, ondanks dat het maar een paar kilometer rijden is.

Aangekomen in het ziekenhuis komt de verloskundige gelijk naar ons toe en neemt ons mee naar de onderzoekskamer. Ze vindt gelukkig gelijk een hartslag, een ontzettende opluchting. Ik had echt het gevoel dat we de baby kwijt waren en we zouden horen dat zijn hartje was gestopt met kloppen. De verloskundige stelt voor om het CTG 20 tot 30 minuten te laten draaien en dan verder te kijken. Op dit tijdstip kan ze niet garanderen dat er een echo gemaakt kan worden, maar morgenochtend mogen we gelijk bellen naar de gynaecoloog om alsnog een echo te laten maken.

De uitslag van de CTG is goed, maar zijn hartslag is wel weer rond de 160. De verloskundige denkt dat het komt door mijn stress. De hartslag mag tussen de 110 en 160 zijn. Ook zijn er met regelmaat harde buiken te zien, die ik zelf niet voel. Na 30 minuten wil de verloskundige voor de zekerheid toch nog even checken of ik geen ontsluiting heb. Als dat niet zo is, dan mag ik weer naar huis. Op het moment dat ik naar de linkerzijde van mijn rug draai, valt zijn hartslag weg. In eerste instantie denk ik dat het CTG-apparaat niet goed werkt, omdat deze erg gevoelig zijn. Als de verloskundige naar de gynaecoloog belt met de mededeling: “baby reageert” en er gelijk twee verpleegkundigen binnenstappen en ik een infuus en een zuurstofkapje krijg. Bekruipt mij een angstig gevoel. De thee vliegt van het bed tafeltje in de veel te kleine ruimte. Het is duidelijk niet berekend op zes personen. Pas als de hartslag van de baby hersteld is, vertellen ze ons wat er aan de hand is. Ze denken dat ik met het draaien op een bloedvat ben gaan liggen. Wat ervoor zorgt dat de navelstreng even geen doorbloeding heeft. Er wordt gelijk een echo gemaakt, ook omdat ik nog steeds geen beweging voel.

Tijdens deze echo wordt alles, maar dan ook echt alles, onderzocht. Toch is hier ook alles goed: de baby steekt zelfs nog even zijn duimpje op. Net of hij ons sterkte wenst voor wat komen gaat. De navelstreng doorbloeding is prima, de placenta is goed, er is voldoende vruchtwater en de groei loopt zelfs een beetje voor op schema. Mijn urine wordt gecontroleerd op eiwitten en er wordt gecheckt of ik geen vruchtwater verlies. Ook dit is allemaal in orde.

De gynaecoloog en de verloskundige staan voor een raadsel en geven aan dat ze er zelf ook de vinger niet op kunnen leggen, maar dat ze wel zeker weten dat ik niet meer naar huis mag. Ik word van de onderzoekskamer naar een gewone kamer gebracht en de verpleegkundige zegt tegen mijn man dat

hij kan blijven slapen. In eerste instantie vindt hij dat niet nodig, maar ik wil graag dat hij blijft en ook de verloskundige raadt dit aan. Dit is iets wat ze niet zomaar zeggen, dus mijn onderbuikgevoel vertelt me al genoeg. De verloskundige en gynaecoloog beloven dat zij de baby via het CTG nauwlettend in de gaten houden en dat wij het beste kunnen rusten.

 

Van slapen komt niet veel terecht, ook omdat de baby nog een aantal keer dipt met zijn hartslag. Als dit gebeurt komt weer het hele circus van zuurstoftoediening, extra vocht via infuus en bloeddruk meten voorbij. De gynaecoloog en verloskundige vertellen ons dat ze erg aan het twijfelen zijn. Ik ben 33 weken en vijf dagen zwanger en dat is nog veel te vroeg om een kindje te halen. Als ik 37 weken was geweest, had ik gelijk een keizersnede gehad, maar zijn longetjes zijn op dit moment nog niet volgroeid. Voor longrijping is geen tijd, aangezien deze 48 uur moet inwerken. Als de baby om vier uur weer dipt in zijn hartslag en om 4.15 uur nog eens, wordt besloten tot een spoedkeizersnede. De verloskundige vertelt dit met tranen in haar ogen.

Alles wordt doorgenomen. Ze bereiden ons voor dat de baby gelijk weggehaald zou kunnen worden en dat er een kans bestaat dat hij zelfs naar een ander ziekenhuis moet, maar dit is geheel afhankelijk van hoe hij het doet. De gynaecoloog is al naar de OK om alles gereed te maken. Gezien het midden in de nacht is, komen de anesthesist en de kinderarts vanaf thuis. Er wordt gebeld vanaf de OK of iedereen al aanwezig is. Ook krijg ik een vies goedje om mijn maaginhoud te neutraliseren, voor het geval ik onder narcose moet. Om vijf uur gaan we naar boven. Mijn man is al meegenomen door de anesthesist en krijgt daar een arts uniform aan en klompen die drie maten te groot zijn.

Gelukkig zit de ruggenprik gelijk goed. De gynaecoloog wil absoluut voorkomen dat ik onder volledige narcose moet, omdat de baby daar nog suffer van kan worden. Als mijn man in de OK komt, word ik ontsmet met de vraag of ik dit voel. Als ik dit ontken, voel ik wat duwen en trekken en om 5.23 uur wordt geroepen dat de baby geboren is. We hebben een zoon, Noud.

Gelijk een gilletje als teken van leven en hij wordt meteen meegenomen met de kinderarts. Mijn man gaat mee en ik blijf in spanning achter. Iedereen die nog op de OK is, staat door het raampje te kijken hoe het met Noud gaat. Als er iemand vanaf dat kamertje terugkomt in de OK, vraagt de gynaecoloog hoe het gaat en hoor ik: ‘reanimatie’. Zoiets wens ik niemand toe.

Ik focus mij op mijn ademhaling, omdat mijn ruggenprik vrij hoog is gezet en ik het al benauwd had. Na een tijdje komt mijn man terug met het nieuws dat Noud zijn hartslag weer stabieler is, maar hij niet zelf ademt en er op dit moment een tube wordt ingebracht. Hij laat mij wat foto’s zien: ik zie een heel klein, bleek mannetje, maar ik ben meteen verliefd.

Als ze met mij klaar zijn, word ik door het OK-team teruggebracht naar een kraamsuite.

We hebben te horen gekregen dat Noud wordt overgeplaatst naar de NICU in het UZ Gent. Al snel horen we de sirenes van de speciale ambulance uit Gent aankomen. Iedereen is ontzettend lief en meelevend. De verpleegkundige van de kraamafdeling heeft foto’s gemaakt van Noud en deze laten afdrukken. Zo hebben we toch iets in handen van hem. Mijn man blijft bij me, het is zo druk rondom Noud en we willen het personeel hun werk laten doen.

Als het gevoel in mijn benen wat terug voel komen, word ik opgefrist en aangekleed. De gynaecoloog heeft ook voor mij een plekje geregeld in het UZ en we horen dat de ambulance ons komt halen. In de eerste instantie zou Noud met transportcouveuse even op de suite komen, zodat ik hem eindelijk even kan bewonderen, maar de neonatoloog vindt dat geen goed idee. Ze hebben haast…

Ik word met bed en al naar de gang gebracht en na 30 minuten komt daar eindelijk de couveuse langsgereden met ons lieve mannetje erin. De neonatoloog vertelt ons dat hij erg zwak is en dat ze

hem niet stabieler krijgen en dat we overal rekening mee moeten houden. Vanwege zijn slechte longen kan hij niet beademd worden, maar gaat hij ‘op de ballon’ naar Gent, waar ze op de NICU betere apparatuur hebben. Na een paar minuten is het tijd om te gaan en zien we de arts, verpleegkundige, chauffeur en de kinderarts uit Terneuzen wegrennen met tussenin de couveuse met ons kleine mannetje. Het is allemaal zo onwerkelijk, het lijkt net een slechte film.

Om tien uur komt de kinderarts verslag brengen. Ze vraagt ons of we realiseren hoe slecht Noud zijn situatie is. Ze vertelt dat Noud een Hb van 1.3 had, terwijl dat 15 hoort te zijn. Hij had dus bijna geen bloed meer in zijn lijfje, nog net genoeg om zijn hartje van bloed te voorzien. Daarnaast zijn z’n longetjes heel slecht, omdat hij te vroeg geboren is. Hij heeft twee keer surfactant, medicatie om de longblaasjes te laten ontplooien, toegediend gekregen, maar met weinig resultaat. Ook heeft hij gelijk een bloedtransfusie gehad met als gevolg dat hij daar bloeddruk problemen door kreeg. Met morfine, bloeddrukverlagers, beademingsbuis, twee centrale lijnen en allerlei andere draadjes en slangetjes is hij naar Gent vervoerd. Ook adrenaline is aanwezig voor het geval het weer misgaat onderweg. Op dat moment kun je alleen maar hopen en bidden dat hij de rit van 50 minuten levend doorstaat.

De gynaecoloog die nu dagdienst heeft, komt vragen hoe het met de pijn is en zegt dat het heel goed is dat we gebeld hebben. Noud had anders de ochtend niet gehaald. Het is nog een groot raadsel wat er precies is gebeurd, maar alles wordt onderzocht.

Rond elf uur krijg ik alle pijnstilling die ze mogen geven om de ambulancerit zo comfortabel mogelijk te maken en worden we meegenomen op weg naar ons lieve mannetje. Een ding weet ik zeker: als er ook maar iemand had getwijfeld, was ons mannetje er nu niet meer geweest. De gynaecoloog en de verloskundige hebben voortreffelijk gehandeld en zijn oprecht heldinnen te noemen. Daarnaast ben ik ook de verpleegkundigen eeuwig dankbaar voor alle liefde en steun. Zonder alle betrokkenen hadden we het niet zo goed kunnen doorstaan.

Na drie intensieve weken in het ziekenhuis, mogen we thuis gaan genieten en krijgen we nog vijftien uur couveuse nazorg. Ontzettend fijn. Helaas is er nooit een oorzaak gevonden voor zijn bloedarmoede.

Bevallingsverhaal van Leona, Dirk & Noud Bevallingsverhaal van Leona, Dirk & Noud
©2024 ZorgSaam Zorggroep Zeeuws-Vlaanderen | Disclaimer & cookies | Privacyverklaring | Ontwerp & realisatie Buro Cinq